Locatie

Broodhuis, Reserves

Datum

1897

soort van object

Geheel

59 waterverftekeningen van Brussel door Carabain
alle geheel (59)

Materialen

Tentoonstelling

Brussel Weleer, 21 oktober 1994 — 06 november 1994

Vervaardigingplaats

Brussel

Opschriften

"J. Carabain 1897" (onderaan rechts )

Afmetingen

hoogte 51.6 cm — wijdte 30.7 cm
hoogte 59.8 cm — wijdte 39.6 cm (blad)

Inventaris nummer

L.1897.10

Identifier Urban

51948
lees meer

Beschrijving

"De Schipgang kreeg zijn officiële naam in 1853, maar daarvoor en ook nog daarna noemde men hem de Negen Huizen. Er waren in de steeg dan ook negen woniningen, die rond 1845 werden gebouwd in de grote tuin van het huis op nr. 57 (later 67) in de Vaartstraat. Deze straat verbindt de Lakensestraat met de Kalkkaai en is aangelegd op de gedempte noordelijke gracht van het Groot Begijnhof. De Schipgang was te bereiken via een 9 meter lange doorgang van 1,30 meter breed en had een totale diepte van 35 meter. Men beschouwde hem als een eerder mooie, nette gang, met een betere verluchting en meer licht dan in heel wat andere stegen. Er woonden 40 tot 45 personen.
Op de waterverftekening is de Schipgang afgebeeld in de richting van de Vaartstraat. De twee huizen aan de oostkant zijn voorzien van deuren met waaiervormig onderverdeelde bovenlichten, maar net zoals in de andere gangen hebben de woningen wit of okerkleurig gekaleide gevels boven een gepikte plint en wordt het water, zowel het regenwater als het afvalwater, afgevoerd naar de straat via een goot in het gekasseide wegdek. De enige wc (zonder waterspoeling) bevindt zich links naast de doorgang en de verlichting gebeurt door middel van eveneens één gaslantaarn.
Deze steeg lijkt goed uitgerust voor het drogen van de was. Er zijn lange houten stokken vastgezet in de gevels onder de vensteropeningen van de tweede bouwlaag, waarover wasgoed kan worden gehangen. Daarnaast overspant een drooglijn de breedte van de binnenplaats. De rechts voorgestelde vrouw was misschien een wasvrouw, een beroep dat wel meer werd uitgeoefend door de bewoonsters van de Brusselse gangen. Carabain schilderde haar in ieder geval met een doek in de handen en achter haar een grote houten wastobbe, een houten stoel waarop een laken ligt en een zinken emmer met nog meer wasgoed.
Dit neemt niet weg dat men hier in 1932 nog maar altijd over één gemeenschappelijk waterkraantje beschikte. Zoals dat wel meer voorkwam in kleinere stegen, was er geen pomp en dus waren de bewoners voor een deel van het water dat ze nodig hadden aangewezen op regenwater of water dat ze verderop in de Vaartstraat moesten halen.
De Schipgang werd pas in 1989 officieel door de Brusselse gemeenteraad opgeheven.1"

Bronnen

1TER ASSATOUROFF, Corinne, VREBOS, Martine, DEKNOP, Anne, GAUTHIER, Catherine. Brussel in aquarel: een momentopname 1894-1897: Jacques CarabainBrussel: Museum van de Stad Brussel, 2010, p. 62-63. (Fontes Bruxellæ ; 5).

Colofon

Discussie